Stijgende huurprijzen vrije sector vragen om politiek ingrijpen

Stijgende huurprijzen vrije sector vragen om politiek ingrijpen

De huurprijzen in de vrije sector stegen in 2021 voor nieuwe huurders met ruim 6% ten opzichte van het voorgaande jaar, blijkt uit vandaag gepubliceerde cijfers van de NVM. De Woonbond wijst erop dat de vrije sector de afgelopen jaren fors is gegroeid waardoor er steeds meer dure huurwoningen zijn gekomen. Onder andere door politiek beleid waardoor woningen makkelijker in de vrije sector zijn te verhuren. Hierdoor zijn veel koopwoningen de afgelopen jaren opgekocht en duur in de verhuur gegaan. Die groei zorgt niet voor meer betaalbare maar juist voor meer dure woningen omdat er voor dat segment geen maximale huurprijs geldt.

De Woonbond pleit daarom voor het uitbreiden van de huurprijsbescherming. Op dit moment loopt het woningwaarderingsstelsel, het systeem waarmee de kwaliteit van een huurwoning tot een bepaalde maximale huurprijs leidt, maar door tot de zogenaamde ‘libralisatiegrens’. Woonbonddirecteur Zeno Winkels: ‘Zo gauw een woning een euro boven de grens van €763,- in de verhuur mag, is de rem er af. We zien daarom dat kleine appartementjes voor de hoofdprijs in de verhuur gaan. De prijzen staan in geen enkel verband meer tot de kwaliteit van de woning.’

De Woonbond wil daarom dat de huurprijsbescherming ook voor duurdere woningen gaat gelden, om woekerprijzen tegen te gaan. In het regeerakkoord staan plannen om de zogenaamde ‘middenhuur’ te gaan reguleren. Het is nog onduidelijk op welke manier het kabinet dit wil gaan doen.

Daarnaast moet er ingezet worden op een grotere sociale hursector. Toegankelijk voor lage én middeninkomens. Winkels: ‘Door vastgoedbeleggers maar ook in de politiek wordt vaak gedaan alsof ‘middenhuur’ de oplossing is voor middeninkomens. Maar kale huurprijzen van zo’n €1000,- in de maand zijn voor veel middeninkomens onbetaalbaar.’